U hebt een zelfstandig bijberoep en verliest uw hoofdinkomen.
Wat nu?

Je mag het zelfstandig bijberoep verderzetten mét behoud van een werkloosheidsuitkering onder strikte voorwaarden:

  1. Je moet het bijberoep al hebben uitgeoefend tijdens je tewerkstelling als werknemer, gedurende tenminste drie maanden voorafgaand aan je uitkeringsaanvraag.
  2. Het bijberoep aangeven op het ogenblik van je uitkeringsaanvraag bij de uitbetalingsinstelling.
  3. Het zelfstandig bijberoep niet uitoefenen tussen 7 en 18 uur tijdens de week. Op zaterdag en zondag is dit wel mogelijk om dan het bijberoep uit te oefenen. Je verliest dan wel een uitkering per gewerkte zaterdag of zondag (zelfs indien men werkt na 18 uur en/of voor 7 uur). Zo heb je overdag tijd om een nieuwe job te zoeken.
  4. Indien u een van onderstaande activiteiten in bijberoep uitoefent is het ook niet mogelijk om tijdens de werkloosheid deze nog uit te oefenen, behalve als deze activiteiten van gering belang zijn:
    • Een beroep dat alleen na 18 uur wordt uitgeoefend (bijvoorbeeld nachtwaker)
    • De activiteiten verboden krachtens de wet van 6 april 1960 betreffende de uitvoering van bouwwerken
    • Een beroep in de horeca of vermaaksector
    • Leurder, handelsreiziger
    • Verzekeringsagent of -makelaar
  5. De inkomsten van uw zelfstandige activiteit mogen niet meer bedragen dan 4.109,04 euro per jaar. Wordt dit bedrag overschreden, dan worden de werkloosheidsuitkeringen verminderd met het gedeelte boven deze grens. Het werkloosheidsbureau kan beslissen uw uitkeringen te schorsen als blijkt dat uw activiteit niet langer het karakter heeft van een bijberoep (bijvoorbeeld door hoge inkomsten of door een hoog aantal gewerkte dagen).

Gelijkstelling met een bijberoep (art. 37)

Gehuwde zelfstandigen kunnen de gelijkstelling met een bijberoep vragen als hun echtgenoot minstens een gelijkwaardig statuut heeft.